Een oproep tot actie en de cruciale rol van de bedrijfsarts bij preventie
De Sociaal-Economische Raad (SER) trok dit voorjaar aan de bel met haar advies Gezond en veilig werken door effectieve regels en preventie: Arbovisie 2040. De boodschap is helder: versterk preventie, moderniseer de arboregelgeving en bevorder samenwerking tussen alle betrokken partijen – met een sleutelrol voor de bedrijfsarts.
Werk verandert, risico’s ook
Door technologische ontwikkelingen, vergrijzing en de groei van flexibel werk verandert de arbeidswereld razendsnel. Dat biedt kansen, maar brengt ook nieuwe risico’s met zich mee: hogere werkdruk, mentale overbelasting, of fysieke klachten door langdurig zitten en ongunstige werkhoudingen. Volgens de SER moeten deze risico’s vroegtijdig worden gesignaleerd en aangepakt. Preventie hoort daarom het fundament te vormen van het arbobeleid.
Annet de Lange, senior managing consultant bij Berenschot en bijzonder hoogleraar aan de Open Universiteit, ziet dat organisaties daar nog lang niet altijd op voorbereid zijn.
“De basis is beter geregeld dan een paar jaar geleden, maar de voorbereiding op nieuwe risico’s – zoals psychosociale belasting, mentale gezondheid, hybride sturing en een ouder en flexibeler personeelsbestand – is nog wisselend, vooral bij kleinere werkgevers.”
Duidelijke regels, gedeelde verantwoordelijkheid
De Lange benadrukt dat de regels rond gezond en veilig werken eenvoudiger en beter toepasbaar moeten worden, met name voor het mkb. “De SER wil richting 2040 een sterker preventiekader met duidelijke regels, betere kwaliteit van RI&E’s, meer verantwoordelijkheid in de keten en betere toegang tot arbodiensten. Het kabinet steunt die aanpak.”
Volgens haar ligt de regie bij overheid en sociale partners, maar de uitvoering bij werkgevers. Zij moeten zorgen voor een actuele RI&E en de maatregelen ook daadwerkelijk uitvoeren – óók bij hybride werken. Daarbij mag een grote groep werkenden niet buiten beeld raken. “Zzp’ers en flexwerkers moeten eveneens toegang krijgen tot preventieve zorg. En bij nieuwe risico’s, zoals AI en algoritmen, is een publiek kader nodig om privacy, autonomie en non-discriminatie te beschermen.”
De bedrijfsarts: meer dan verzuimbegeleider
De bedrijfsarts speelt een centrale rol in het voorkomen van gezondheidsproblemen, maar komt daar in de praktijk vaak niet aan toe. Basiscontracten bevatten zelden afspraken over preventie, en tijd is schaars. Stijn Croonen, bedrijfsarts bij BakxWagenaar, ziet hoe de houding van werkgevers bepalend is.

“Preventie is één van de drie pijlers van onze dienstverlening. Om echt preventief te kunnen werken, ben je afhankelijk van het hele team – en daar hoort de werkgever nadrukkelijk bij.” Het succes van preventie hangt volgens Croonen sterk af van de visie van de organisatie.
“Wie vooral op korte termijn stuurt, geeft preventie zelden prioriteit. Pas als er aandacht is voor de lange termijn, ontstaat er ruimte om echt aan duurzame inzetbaarheid te werken.”
“Nog meer wetgeving gaat niet helpen.”
Stijn Croonen
Omdat BakxWagenaar op locatie bij klanten werkt, lukt het beter om preventie bespreekbaar te maken. “We zijn letterlijk de drempel over. Dat maakt het makkelijker om signalen op te pikken en preventie in het dagelijks werk te verweven. Tijd of middelen zijn dan minder een belemmering.”
De SER pleit voor een sterkere wettelijke positie van de bedrijfsarts, meer samenwerking met andere zorgverleners zoals huisartsen, en een bredere inzet van deskundigen als arbeidshygiënisten en veiligheidskundigen. Toch verwacht Croonen niet dat méér regels het verschil zullen maken.
“Uiteindelijk is de werkgever verantwoordelijk”
Stijn Croonen
“Er zijn al zoveel verplichtingen, die allemaal impact hebben op de werkgever. Nog meer wetgeving gaat daar niet bij helpen.” Over de haalbaarheid van de SER-adviezen is hij realistisch. “Ik hoor al jaren dat er meer aandacht en geld moet komen voor preventie. Maar uiteindelijk blijven wij afhankelijk van de bereidheid van de klant.”
“Het is cruciaal om preventie te verankeren in governance en KPI’s.”
Annet de Lange
Preventie als investering
Waar het SER-advies zich richt op de structuur van het arbostelsel, lijkt de sleutel tot succes bij werkgevers te liggen. “Voor werkgevers is het cruciaal om preventie te verankeren in governance en KPI’s, zodat het een vast onderdeel wordt van jaarplannen en leiderschapsdoelen,” zegt De Lange.

“Iedere euro die je investeert in preventie, verdiend zich vaak terug.” Annet de Lange
Annet de Lange
Toch zien veel organisaties preventie nog als kostenpost in plaats van investering. De Lange noemt vier obstakels: werkgevers zien kosten direct maar baten pas later, kleine bedrijven hebben beperkte kennis en capaciteit, sommige risico’s zijn lastig meetbaar, en flexibele werkvormen maken verantwoordelijkheden diffuus.
“Werkgevers gaan preventie pas als investering zien als duidelijk wordt wat het oplevert. Laat zien wat verzuim, verloop en lagere productiviteit kosten, en maak zichtbaar dat goede programma’s vaak méér opleveren dan ze kosten. Internationaal onderzoek laat zien dat investeringen in preventie, zich vaak terugverdienen.”
Financiële regelingen kunnen bedrijven helpen om de stap naar preventie te zetten. De SLIM-regeling stimuleert leren en ontwikkelen, en ook het programma MDIEU bood eerder middelen voor duurzame inzetbaarheid.
“Regelingen zoals de SLIM-subsidie kunnen helpen,” zegt De Lange. “Kijk hoe je slimmer kunt werken, met technologie en aandacht voor ergonomisch en gezond thuiswerken. Zo maak je preventie praktisch én haalbaar.”
Technologie als steunpilaar voor preventie
Technologie biedt enorme kansen om werk gezonder en veiliger te maken – mits die slim wordt ingezet én gekoppeld aan persoonlijke begeleiding. Dennis Lindeboom, oprichter van Johan.nl, ziet technologie als een krachtig hulpmiddel, niet als doel op zich.
“Digitale screenings, vitaliteitsscans of PMO’s geven inzicht in gezondheid en inzetbaarheid, zowel individueel als binnen doelgroepen. Op het gebied van psychosociale arbeidsbelasting kunnen we veel winst boeken.” De valkuil, zegt hij, is dat technologie vaak blijft steken bij meten. “De echte waarde ontstaat pas wanneer inzichten worden omgezet in actie. Het gesprek – bijvoorbeeld in de vorm van een coachsessie – vormt de brug tussen analyse en interventie.”
“Meten is geen eindpunt, maar een startpunt voor gerichte begeleiding.”
Dennis Lindeboom
De meest effectieve aanpak combineert digitale tools met menselijke opvolging. “Eerst signaleren via een digitale screening, daarna opvolgen met een persoonlijk gesprek. Zo wordt de screening geen eindpunt, maar een startpunt voor gerichte begeleiding of interventies.”
Een illustratief voorbeeld laat zien hoe deze aanpak in de praktijk kan werken. In een organisatie met honderd medewerkers werd een digitale screening uitgevoerd, waarbij achttien medewerkers een verhoogd risico op mentale klachten vertoonden. Van hen startten tien medewerkers een begeleidingstraject, waarna hun mentale belasting significant afnam.

Dennis Lindeboom
Volgens Lindeboom biedt deze werkwijze juist voor arbodiensten kansen. “Datagedreven technologie maakt inzicht én gepersonaliseerde actie mogelijk. De sleutel tot succes ligt niet in de techniek zelf, maar in de combinatie van data en menselijk contact.”
“Het succes ligt in de combinatie van data en menselijk contact.”
Dennis Lindeboom
Uiteindelijk draait effectief arbo- en preventiebeleid om meer dan regels en protocollen. Het vraagt om samenwerking tussen bedrijfsartsen, werkgevers en deskundigen, met aandacht voor de mens achter de cijfers. Preventie loont – niet alleen in lagere verzuimkosten, maar vooral in gezondere, gemotiveerde medewerkers. Technologie kan daarbij een krachtige steunpilaar zijn, mits die wordt gecombineerd met persoonlijk contact en maatwerk. Zo wordt preventie geen verplichting, maar een vanzelfsprekend onderdeel van goed werkgeverschap.
Bekijk: Gezond en veilig werken door effectieve regels en preventie: Arbovisie 2040, deel 1 en deel 2.